|
|
Aan
de besturen en andere diensten van de federale ministeries en aan de instellingen van openbaar nut die
onder het gezag, de controle of het toezicht van de Staat vallen.
Mevrouw de Minister,
Mijnheer
de Minister,
Mijnheer de Staatssecretaris,
Bij een arrest nr. 86.733 van 7 april 2000
heeft de Raad van State geoordeeld dat :
1. om in orde te zijn met artikel 3, § 1, van
de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, aan een
benoemingsbesluit dat verwijst naar het met redenen omkleed voorstel dat door de directieraad is uitgebracht,
de akte moet toegevoegd zijn die de motivatie van de directieraad bevat of dat dit besluit de draagwijdte
ervan moet weergeven in zijn preambule;
2. om het nuttig uitoefenen van het recht op bezwaar
dat de kandidaten voor een bevordering volgens de artikelen 26bis en 26ter (vroeger artikel 26) van
het koninklijk besluit van 7 augustus 1939 betreffende de evaluatie en de loopbaan van het rijkspersoneel
kunnen indienen, samen met de rechten die voor deze kandidaten voortvloeien uit artikel 32 van de Grondwet
en uit de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur niet van zijn nuttig effect te
beroven, de administratieve overheid ambtshalve de notulen van de zitting van de directieraad dient te
betekenen, terzelfdertijd als zijn voorstellen.
Het valt aan te bevelen voortaan ambtshalve
en zonder de eerstkomende wijziging in die zin van het voormelde koninklijk besluit van 7 augustus 1939
af te wachten, samen met de voorstellen van de directieraad het deel van de notulen van de vergaderingen
van de directieraad te betekenen die er betrekking op hebben en er de uitdrukkelijke motivering van uitmaken.
De
Minister van Ambtenarenzaken,
L. VAN DEN BOSSCHE